In november 1999 schrijft Guus Steinen "Tam-Tam", waarvoor hij op dat moment nog een groep zoekt. Wanneer hij deze vindt komen ze op de naam "Kartoesj", en Tam-Tam blijkt aan te slaan. Het nummer blijft hangen en wordt door velen opnieuw opgenomen zelfs enkele malen in 't Duits en 't Nederlands. Niet lang hierna krijgt Kartoesj een contract bij Beppie Kraft en Conny Peters van Marlstone aangeboden en de eerste CD komt in januari 2001 uit. De CD slaat aan en de groep staat wederom in de finale van het LVK met het nummer "Zes gooie in de lotto". Optredens door de hele provincie heen geven aan dat de formule aanslaat, en de bekendheid groeit.
In 2002 haalt Kartoesj wederom de finale van het LVK met het zangnummer " Bonne van gistere". Het optreden in het voorprogramma van de Bläck Fööss in Posterholt is een van de hoogtepunten dit jaar.
In 2004 haalt Kartoesj voor de 4e keer de finale van het LVK met het nummer "Petrus". Op de 11e van de 11e staat nu ook voor het eerst Kartoesj op het programma. De Zoepkoel is dit seizoen ook een feit. Een jaar later wordt voor de 5e keer deelgenomen aan de finale van het LVK met het nummer: "Veer höbbe de Prins in de sjtraot". Hiermee wordt een hele mooie 2e plaats behaald.
De absolute doorbraak komt in 2006; Kartoesj staat voor de 6e keer in de finale, met het nummer "dat zit bie ôs in de femilie". Het nummer wint met overmacht het LVK en mag zich een jaar lang Limburgs beste noemen. De 11e van de 11e en de Zoepkoel staan weer op het programma. Maar ook optredens in de schouwburg van Sittard met de uitzending 'kwestie van geduld' met o.a. Symphonic Impulse , Renee van Wegberg, de Schintaler en Ben Verdellen.
Inmiddels heeft Kartoesj maar liefst 6 succesvolle cd’s uitgebracht, en staan ze wederom in de LVK finale met het nummer “Veer höbbe ‘t”. Ook heeft de groep meegewerkt aan het Glazen Huis in Echt met het maken van een jingle.
Zie voor meer informatie www.kartoesj.nl.

